PvdA Groningen, Lijst 1

Groningen sterk en sociaal

waterschappen.jpg

Waterschap vraagt eigentijdse inbedding

De waterschappen hebben en dikke vinger in de pap als het gaat om landinrichting en het voorkomen van wateroverlast. Maar is de term 'democratisch' in de moderne zin van het woord wel op de waterschappen van toepassing?

De waterschappen in ons land worden meestal bejubeld als de oervorm van de Nederlandse democratie. Gezien de recente veranderingen en de positie van de waterschappen hebben wij grote twijfels of de betiteling democratisch, in moderne zin, voor de waterschappen wel van toepassing is. De waterschappen hebben zich ontwikkeld tot organen die bij de inrichting van ons landschap en bij het voorkomen van wateroverlast een stevige vinger in de pap hebben. Een positie die zich vrijwel aan een algemene democratische controle onttrekt. Wij vinden dat de politieke partijen  de komende tijd een fundamentele discussie aan moet durven gaan over de structuur van het waterschap.

 

autonoom
In de afgelopen decennia heeft zich met betrekking tot de waterschappen een enorm proces van concentratie en schaalvergroting voltrokken. Zo is in de afgelopen vijftig jaar het aantal waterschappen verminderd van ruim 3000 in 1950 tot 57 op dit moment. In Groningen en grote delen van Drenthe resteren nog slechts twee waterschappen, namelijk de waterschappen Noorderzijlvest en Hunze en AA’s, waarvan het laatste qua omvang zelfs het grootste in het land is. Waterschappen hebben hierdoor een gebiedsomvang verkregen die groter is dan menige provincie. Ook in bestuurlijke zin is het waterschap in toenemende mate betrokken bij een groot aantal beleidsonderwerpen als het integraal waterbeheer, plattelandsbeleid en overige ruimtelijke ordeningsvraagstukken. Doordat de taken van het waterschap steeds integraler worden vormgegeven komt het daarmee steeds meer op het beleidsterrein van de provincie. Het zijn immers de provincies en gemeenten die primair taken op het gebied van de ruimtelijke ordening uitoefenen en in samenhang hiermee de waterstaatszorg behartigen. In tegenstelling tot de provincie is echter bij het waterschap de democratische controle op het beleid niet sterk.

 

belangendemocratie
De democratie van een waterschap is een belangendemocratie. Elke groep krijgt kiesrecht afhankelijk is van de te betalen belasting. De Waterschapswet heeft de oude trits ‘belang, betaling, zeggenschap’ gehandhaafd. Er staat bij voorbaat al vast hoeveel zetels de ingezetenen krijgen, hoeveel zetels de categorie gebouwd en hoeveel zetels de categorie ongebouwd. Door het toepassen van het principe wie het meeste betaalt, bepaalt ook het meeste gaan agrarische en overige bedrijfsbelangen overheersen. Boeren zijn echter ook ingezetene, en ok huiseigenaar (gebouwd) en stellen zich ook voor die categorieën succesvol kandidaat. Vervolgens beslist het aldus verkozen waterschapsbestuur wel over de waterschapsheffing, de belastingtarieven, van alle ingezetenen. Alleen indien er een ingrijpende wijziging in het systeem komt krijgt de provincie de bevoegdheid tot goed dan wel afkeuring.

 

lasten
De voorstellen die nu circuleren over een andere wijze van heffen van de waterschapslasten komen neer op een verschuiving van de lasten van de categorie ongebouwd naar de categorie gebouwd. Met als consequentie dat de agrariërs behoorlijk minder gaan betalen en de modale burger wordt geconfronteerd met behoorlijke kostenstijgingen. De Unie van Waterschappen verdedigt deze verschuiving door te wijzen op een verbreding van de taken van de waterschappen. In het noorden is het echter nog steeds zo dat meer dan de helft van de kosten van de waterschappen worden gemaakt voor de detailwaterhuishouding, voor het onderhoud aan sloten, vaarten en gemalen ten behoeve van het instellen van een stabiel waterpeil. Daar heeft de landbouw behoefte aan. De waterschappen blijven in essentie bestaan uit een oververtegenwoordiging van belangengroepen. Met andere woorden de modale burger is het kind van de rekening, maar heeft in het waterschapsbestuur relatief minder in de melk te brokkelen dan de agrariërs en de ondernemers. Wij vinden dat vanuit sociaal-democratisch perspectief niet wenselijk. Het is deze situatie die om een fundamentele herziening vraagt van de relaties tussen de overheden en de waterschappen anderzijds.

 

legitimering
Het toekennen van overheidsmacht aan steeds grotere waterschappen vraagt ons inziens om een betere externe democratische legitimering. Het invoeren van een lijstenstelsel zou slechts ten dele het probleem van de democratische legitimering oplossen. Een overgang naar een vertegenwoordigend systeem, inclusief een lijstenstelsel, zou betekenen dat voortaan politieke partijen aan de verkiezingen kunnen deelnemen. Er ontstaat dan een democratische legitimering die in essentie overeenkomt met het provinciaal bestuursmodel. Wij vinden het dan ook zuiverder om verantwoordelijkheid in z’n geheel bij de provincie neer te leggen. Op deze wijze ontstaat duidelijkheid in posities, de provincie bestuurt en bepaalt het beleid en het waterschap geeft vervolgens uitvoering aan dit beleid. Het waterschap wordt op deze wijze dè uitvoeringsorganisatie die het behoort te zijn, en wel een beleidsvoorbereidend- en uitvoerend orgaan dat op democratische wijze wordt gecontroleerd.

 

corporatisme
Het is duidelijk dat deze stellingname fundamenteel afwijkt van het huidige kiesstelsel. Wil echter recht gedaan worden aan de beginselen van algemene democratie, dan is een dergelijke visie onvermijdelijk. Wij bestrijden overigens de gedachte dat de belangen van specifieke belangengroepen, zoals agrarische en overig bedrijfsleven onvoldoende gewaarborgd zouden zijn bij het volledig vrij laten van het lijstenstelsel. Het gaat uiteindelijk om de zuiverheid van de democratische legitimering van overheidstaken van algemeen belang. Hierbij past dan ook geen afbouw in een geleidelijk tempo, maar een van meet af aan duidelijke inzet om te komen tot een vernieuwd waterschapsbestuur.

 

fundamentele verandering
Ook de Unie van Waterschappen heeft voorstellen gedaan  voor een verandering van de waterschappen. Maar de bepleitte veranderingen zijn slechts gradueel en doorbreken niet de trits ‘betaling, belang, zeggenschap’. Het waterschap blijft daarmee een belangendemocratie. De discussie over de structuur van de waterschappen wordt angstvallig vermeden. Wij vinden dat een gemis en vinden dat de Provinciale Staten deze handschoen moet oprapen en daarnaast ook op landelijk niveau een discussie over de taken en verantwoordelijkheden moet durven entameren. Wij kiezen om te beginnen voor een heldere lijn: de algemene beleidstaken, inclusief het financieringsstelsel worden de verantwoordelijkheid van de provincie;  het waterschap wordt de uitvoeringsorganisatie van taken op het gebied van de waterhuishouding. Zo kan op vernieuwende, rechtvaardige en vooral democratische wijze vorm gegeven worden aan integraal waterbeheer in de 21e eeuw.

 

 

Henk Bakker,  voorzitter PvdA Gewest Groningen en oud statenlid.

Léon Boer,  PvdA statenlid in Groningen en politiek secretaris  PvdA statenfractie.

Marijke Drees, PvdA statenlid Groningen en voorzitter PvdA werkgroep ‘Water’.
Verwijzingen
Top 5 gelezen februari 2012
67 Werkbezoek 2e Kamerfractie en Statenfractie aan de gemeente Vlagtwedde
45 Hans Spekman winnaar ledenraadpleging
41 Piet Boekhoudt
37 Met 200 banenplan snijdt mes aan twee kanten
32 Léon Boer (gestopt)

U kunt hier uw mening geven op dit artikel. Deze mening wordt direct gepubliceerd op de website, maar wij behouden ons het recht voor om reacties te bewerken of te verwijderen.

Uw naam
E-mailadres
Uw reactie