In het Newscafé werd 11 oktober een enerverend debat aangeslingerd door polemist Thomas von der Dunk, aangevuld door voorzitter van de militaire vakbond AFMP Wim van den Burg en internationaal rechtswetenschapper André de Hoogh en bijgezeten door Martijn van Dam, Tweedekamerlid voor de PvdA. De organisatie was in handen van de werkgroep Internationaal van de afdeling Groningen en internationaal secretaris van de PvdA Marije Laffeber, die ook voorzitter van de avond was.
Het is nog steeds niet duidelijk, wanneer het kabinet komt met een voorstel over terugrtrekking of verlenging van onze aanwezigheid in Afghanistan, maar wel is duidelijk dat de PvdA een grote rol kan spelen bij het besluit.
Ons leger
Wim van den Burg maakte zich ernstig zorgen over de personele en materiële bezetting. “Een maand voor de start van een roulatie, moeten we nog overal mensen vandaan zien te halen, om ervoor te zorgen dat we voldoende soldaten hebben. Verder is de begroting niet rond. Als een bermbom naast een pantservoertuig ontploft, moet Middelkoop meteen op zoek naar een miljoen voor vervanging.” Volgens Van den Burg zijn soldaten ook veel cynischer over de kans van slagen van de missie, dan ze in de pers en tegen politici zijn. “Ze blijven loyaal aan hun werkgever.”
Een van de leden vroeg zich af, wat ons doel was. Martijn probeerde uit te leggen, dat we vanaf het begin voor een vechtmissie hadden getekend, maar het is de vraag of mensen dat standpunt overnamen. Bovendien kan dat niet het doel zijn, zodat hij opnieuw de vraag kreeg. Toen begon hij over de aanslag van 11 september in New York en dat we moesten voorkomen dat er ooit een regering kwam, die de organisatie en financiering van nieuwe aanslagen van zijn grondgebied zou toelaten.
Wensdenken
Thomas von der Dunk vond dat de hele missie gebaseerd was op wensdenken. “We kunnen wel afspreken dat anderen na twee jaar onze troepen gaan vervangen, maar die anderen hebben helemaal niets daarover afgesproken. Die kijken wel uit. We kunnen wel denken dat we enige invloed hebben op Amerikaans beleid, maar als het Blair met tienduizend militairen in Irak en zesduizend in Afghanistan niet eens lukt, welke indruk zullen onze duizend man dan nog maken?” Thomas kreeg ook kritiek: “we zijn niet op een SP bijeenkomst”, maar bleek ook wel wat genuanceerder te kunnen argumenteren. Verder vond hij, dat de regering gewoon meteen moest zeggen, dat we dertig jaar zouden blijven. Eerder zouden we toch niet winnen. Over twee jaar wil nog steeds niemand ons opvolgen. Martijn van Dam gat toe dat we inderdaad langer zouden blijven. “We moeten zeker uitgaan van tien tot twintig jaar, voor we een veilige en stabiele toestand verzekeren. Maar nu vertrekken, betekent dat de Taliban burgers gaat doden. We hebben kunnen zien hoe dat gaat, toen we ons moesten terugtrekken in Chora.”
En dat maakt de hele discussie ingewikkeld. Op de vraag uit de zaal of er iets tussen het onwenselijke blijven en onwenselijke vertrekken zat, zei Von der Dunk onomwonden, dat er inderdaad niets tussen was: “Een beetje oorlog bestaat niet”. Martijn van Dam ging daar niet tegen in. De achterban ziet, aldus de journalist Cees Vellekoop in het Dagblad van het Noorden, zijn goede bedoelingen, maar lijkt in meerderheid niet overtuigd. Een vrouw riep aan het eind van de avond van achter uit de zaal; “Ik dacht dat we hier waren om Van Dam iets mee te geven. Nu, ik wil hem dit meegeven. Ik vind dat we weg moeten!”
Redactie Jan R. Lunsing